Bedrijfsleven onderschat risico’s legionella-uitbraken | Vakblad Legionella
1376
post-template-default,single,single-post,postid-1376,single-format-standard,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-title-hidden,qode_grid_1300,qode-theme-ver-10.1.1,wpb-js-composer js-comp-ver-5.1.1,vc_responsive

Bedrijfsleven onderschat risico’s legionella-uitbraken

Holland Water en Normec vrezen dat Nederland na het beëindigen van de ‘intelligente lockdown’ wordt geconfronteerd met grootschalige legionellabesmettingen in drinkwaterinstallaties en koeltorens doordat de kans op dergelijke uitbraken veelal wordt onderschat. Ondernemers blijken in veel gevallen te weinig aandacht aan preventieve maatregelen te besteden. Dat komt deels door onwetendheid omtrent de risico’s van legionella voor de volksgezondheid, maar veel ondernemers kampen door de lockdown ook met zware financiële tegenvallers. Daardoor krijgen preventieve maatregelen tegen legionella vaak geen prioriteit. Een legionellabesmetting kan, zoals bekend, de veteranenziekte veroorzaken, een ernstige vorm van longontsteking waaraan mensen met een zwak gestel kunnen overlijden.

De verslapte aandacht voor preventie leidt, aldus Holland Water, in Europa en het Midden-Oosten marktleider in legionellabestrijding, tot een ‘ongekende legionellaontwikkeling’. “Door de Covid-19-crisis worden veel gebouwen, zoals hotels, kantoren, sportscholen, campings, fitnesscentra, onderwijsinstellingen en accommodaties van sportverenigingen, op het ogenblik niet of nauwelijks gebruikt. Hierdoor komt het water in de leidingen vaak stil te staan”, zegt Leo de Zeeuw, oprichter en DGA van Holland Water. ”Door de stijgende buitentemperaturen in de lente en de zomer loopt de temperatuur van het water op en ontstaat bio-film in de leidingen. Daarin nestelt de legionellabacterie zich graag en vermenigvuldigt zich snel”, legt hij uit. “De legionellakolonies die dan in het drinkwater ontstaan, leiden vroeg of laat tot besmettingen van de gebruikers van gebouwen.”

Maar die besmettingen zijn te voorkomen door adequate preventiemaatregelen te treffen, aldus De Zeeuw. “Dat betekent: de drinkwaterkwaliteit continu monitoren door het nemen van monsters om eventuele legionellavorming vast te stellen en het consequent periodiek doorspoelen van de drinkwaterinstallaties.”

Preventie en controle op laag pitje
Ric de Jong, managing director van Normec AquaServa, onafhankelijk adviesbureau voor gebouwveiligheid, legionellabestrijding en beheer van waterinstallaties, vindt de verminderde aandacht van ondernemers en gebouweigenaren voor legionellabestrijding wel verklaarbaar. “Zij hebben in het algemeen weinig kennis van legionellavorming en de daaruit voortvloeiende risico’s”, zegt hij. “Daar komt nog bij dat het proces zich afspeelt in leidingen en dus onzichtbaar is. Bovendien: veel ondernemers hebben wel wat anders aan hun hoofd en moeten na de gedwongen sluiting van hun accommodaties de bedrijven weer opbouwen en dat vergt vaak al veel investeringen.”

De Zeeuw en De Jong hebben dus wel begrip voor de ondernemers, ook al omdat bij het begin van de coronacrisis de prioriteit bij de overheid lag bij het beteugelen van het virus en ze liet weten dat het beleid rond legionella wel even wat soepeler kon. “Maar dat maakt de situatie niet minder ernstig. Integendeel, juist nu moet dat beleid weer worden aangescherpt om tot meer en structurele preventie te komen”, aldus de oprichter van Holland Water. “Want wat blijkt nu al? Monitoringsdata tonen niet alleen aan dat veel gebouwen inderdaad minder worden gebruikt, maar ook dat een deel van de gebouwbeheerders preventieve spoelregimes en controle door middel van monsternames op een laag pitje heeft gezet. In sommige gebouwen is zelfs helemaal geen sprake van een spoelbeleid. Daarmee onderschatten ze de werking van het natuurlijk proces van legionella en het nut van preventieve maatregelen schromelijk.”

Holland Water en Normec maken zich daarom zorgen dat de ongelukkige combinatie van factoren (weinig gebruikte gebouwen, stijgende temperaturen, beperkte financiële middelen en minder aandacht voor controle, preventie en/of bestrijding) gaat leiden tot grootschalige legionellabesmettingen wanneer gebouwen weer (volledig) in gebruik worden genomen. Hier en daar gaan accommodaties op het ogenblik alweer open. Deze zorgen worden gedeeld door ISSO, kennisinstituut voor bouw- en installatietechniek.

‘Nu carnaval voor legionellabacterie’
De Zeeuw noemt de legionellabacterie een ‘sluipmoordenaar’. “In februari heeft het coronavirus tijdens carnaval in Noord-Brabant in stilte om zich heen gegrepen, met alle ellendige gevolgen van dien”, zegt hij. “Voor een vergelijkbare sluipmoordenaar is het nu eigenlijk carnaval, namelijk voor de legionellabacterie. En waart de legionella eenmaal structureel rond in de drinkwaterinstallaties, dan helpen preventiemaatregelen zoals het spoelen van tappunten niet of nauwelijks meer.”

Ondernemers en gebouweigenaren kunnen dus voor vervelende verrassingen komen te staan als sprake is van legionella-ontwikkeling. “Er volgen mogelijk hoge kosten voor reiniging en de situatie kan ook betekenen dat ze nog later dan ze al graag willen weer kunnen open gaan”, waarschuwt De Zeeuw. “Zoals zo vaak in de coronacrisis geldt ook hier dat het onze gezamenlijke verantwoordelijkheid is om alert te zijn, goed op elkaar te letten en voor elkaar te zorgen”, stelt hij.

‘Straks weer onbezorgd naar de camping’
“Ik hoop dat ondernemers en gebouwbeheerders, maar ook de overheden, onze waarschuwing serieus nemen en ons initiatief op waarde weten te schatten”, zegt Leo de Zeeuw. En Ric de Jong voegt daar aan toe: “Als we nu de handen ineen slaan en maatregelen treffen, kan iedereen straks weer onbezorgd naar de camping, het zwembad, de sportschool, een hotel en kantoor. Dat hebben we met zijn allen toch wel verdiend.”